We worden er jaarlijks aan herinnert. De dag waarop de bevrijding van Europa werd ingezet. Duizenden jonge Amerikanen, Canadezen en Britten landde op 6 juni 1944 in Normandië. De herinnering aan deze gebeurtenis gaan we ervaren. Omaha beach, Saint-Mere-Eglise en Pointe du Hoc zijn maar enkele van de plaatsen die we gaan bezoeken. Dit is het dagboek van een weekend trip aan deze Franse streek.
Ooit een slagveld, nu een herinnering

Daarnaast hebben we ook een tussenstop gemaakt. We wilden iets mee te krijgen van wat men ‘The Great War’ noemt. Dit zijn de loopgraven uit de Eerste Wereld Oorlog in Ieper.
Ieper, Mimoyecques en Wizernes
We vertrokken van huis om naar Saint-Mere-Eglise te gaan. We gingen richting België. Onderweg stopten we bij de loopgraven in de buurt van Ieper. Ieper staat bekend om één van de dodelijkste slagvelden in de Eerste Wereld Oorlog (verder 1e WO). Wij bezochten Hill 62. Tussen 1916 en 1917 vochten Britse en Canadese troepen daar tegen het Duitse Rijk tijdens de slag om Mount Sorrel.

Bij het Sanctuary Wood zijn nog loopgraven te bezoeken waar je door heen mag lopen. Er lopen ook ondergrondse gangen. Er is een indrukwekkend museum dat het verhaal vertelt over wat er allemaal is gebeurd. Foto’s, propaganda posters, uniformen en wapens uit die tijd laten een diepe indruk achter. De ‘Great War’ staat ook bekend als de ‘Vuile oorlog’ vanwege de inzet van gifgas van beide partijen. Duizenden soldaten lieten hierdoor het leven.

De Canadezen worden geëerd door ‘The Canadian Hill 62 Memorial” die letterlijk de op heuvel is geplaatst. Vanaf deze plek begrijp je meteen waarom de heuvel zo belangrijk was. Vanaf dit punt is Ieper en de omgeving goed te zien. Verder kun je de ‘Sanctuary Wood Commenwealth War Graves Commision Cemetery’ bezoeken. Enkele honderden graven herdenken daar de gevallen soldaten. Een interessant en indrukwekkende binnenkomer van dit weekend wat toch in het teken staat van oorlog.
Het volgende bezoek is aan het ‘Fort van Mimoyecques’. Dit fort was een ondergrondse basis in Noord Frankrijk. Daar bouwden de nazi’s het V-3 kanon. Het doel was om Londen te bombarderen. Dit kanon wordt ook wel gezien als de ‘Supergun’. Dat door een enorme luchtdruk kleine raketten (of grote kogels) afvuurt. Met nog geen 165 km zou Londen dan ook binnen het bereik van deze V-3 hebben gelegen. Zo ver is het uiteindelijk niet gekomen. Voordat dit kanon in gebruik genomen kon worden, bombardeerden de Engelsen dit complex met de zogenoemde ‘Tallboy’ bom. Hierdoor werden tunnels beschadigd. Mede door de landing bij Normandië stopte de nazi’s dit programma. Op 5 september 1944 werd dit complex verovert door de Canadezen.

Bij het bezoek aan Mimoyecques werden we gewezen op een nabij gelegen museum in Wizernes. Een ander voormalig nazi complex dat is opgezet om de V-2 te bouwen. Dit complex, tegenwoordig bekend als ‘La Coupole’, toont de ontwikkeling van de V-2. Het laat zien hoe dit aan de basis stond van de raket. Tegenwoordig kennen we deze van NASA en de Russen. Wernher von Braun was een van de geleerden. Hij stond aan de basis van de V-2. Na de oorlog ondersteunde hij de Amerikanen bij de bouw van diverse bekende raketten, waaronder het Apollo programma.

Ook dit complex werd meerdere malen gebombardeerd zonder direct succes. De ‘Tallboy’ bom droeg bij aan de verovering. Mede door D-day werd dit complex op 5 september door de Britten, Canadezen, Amerikanen en Poolse troepen verovert. Vandaag de dag is er naast het museum ook een planetarium. Echter hadden wij de tijd niet meer om dit te bezoeken. We moesten immers nog ruim 5 uur rijden om in Saint-Mere-Eglise te komen.
D-Day!
Na een goede nacht in een goed hotel en een stevig ontbijt zijn we de dag begonnen in Saint-Mere-Eglise zelf. Dit stadje werd direct betrokken bij de invasie. De paratroepers van de Amerikaanse 82e Airborne divisie landden hier. Ze landden ook in de omgeving. Hun missie was om een opening te creëren voor de invasie op Utah beach. Dit voltrok zich in de nacht van 5 op 6 juni 1944.
Midden in dit stadje staat de bekende kerk met de paratroeper-pop hangend in de toren. De pop hangt daar ter nagedachtenis aan de paratroeper John Steele. Hij belandde die nacht daadwerkelijk in de toren. Daar speelde hij ongeveer 2 uur voor dood. Hij deed dit om te voorkomen dat de nazi troepen hem alsnog zouden ombrengen. Niet veel later werd hij toch gevangen genomen. Dit was echter van korte duur, want Saint-Mere-Eglise was één van de eerste die werden bevrijd. Het Airborne museum verteld dan ook het verhaal van D-Day en wat er zoal in Saint-Mere-Eglise is gebeurd. Een museum dat zeker de moeite waard is om te bezoeken. Het plein en de straten er om heen zijn nog zeer herkenbaar op de foto’s. De vertoonde film moet je dan ook gezien hebben.
Het volgende stop was Pointe du Hoc. De nazi’s bemanden dit strategisch punt met 6 kazematten. Deze kazematten vormden een bedreiging voor de landing op Omaha beach. Het was de 2e Amerikaanse Ranger bataljon die de opdracht hadden om dit strategisch punt te veroveren. Helaas ging dat niet zo gemakkelijk vanwege de steile kustwand die eerst beklommen moest worden. Daarbij waren de soldaten ook nog eens een makkelijk doelwit of werden de ladders en touwen doorgeknipt. Toch slaagde de Amerikanen er uiteindelijk in om Pointe du Hoc te veroveren. Waarna ze nog 2 dagen moesten vechten om dit gebied te behouden. Dit resulteerde in een verlies van 60% aan manschappen. Vandaag de dag zijn de kazematten nog te bezoeken. Het is te zien hoe zwaar bevochten dit stuk land is geweest. Enorme kraters zijn nog steeds te zien. De kustlijn daarin tegen geeft vandaag de dag een schitterend uitzicht over het Kanaal.

We vervolgde onze toer langs de Normandische kust. De volgende stop was bij Saint-Laurent-sur-Mer bij het ‘Museum Mémorial d’Omaha’ beach. Het is een interessant museum. Naast het wapentuig, uniformen en foto’s toont het ook attributen. Deze laten zien wat een soldaat uit die tijd bij zich had, zoals oude pakjes kauwgom, sigaretten en chocola. Het museum laat ook zien wat de nazi’s bij zich droegen. Het toont het wapentuig en de uniformen die zij hadden tijdens de oorlog. Ook hier laat een film een diepe indruk achter over D-Day.

Het weer was zeer goed en al deze indrukken maakt een mens hongerig. Na een stevige lunch zijn we verder gereisd naar de meest bijzondere bezienswaardigheid van deze dag. Dit is de ‘Normandy American Cemetery and Memorial’ in Colleville-sur-Mer. De 9386 graven op deze begraafplaats doet eer aan degene die het leven lieten in Normandië. De gebroeders Niland die aan de basis hebben gestaan van het verhaal rondom ‘Saving private Ryan’. Ook Brigadier Generaal Theodore Roosevelt jr., oudste zoon van President Roosevelt ligt hier begraven. Hij overleed een maand na D-Day door een hartaanval.

Naast de vele graven zijn er ook nog ruim 1550 vermisten (M.I.A) waarvan de namen op de muur staan in ‘de tuin van de vermisten. Degene die een ster achter de naam hebben staan, zijn later alsnog gevonden en geïdentificeerd.

Na de landing op D-Day. De geallieerden hebben twee kunstmatige havens aangelegd. Deze havens maakten aanvoer van goederen en wapens mogelijk. Na een zware storm werden zogenoemde Mulberryhaven zwaar beschadigd. Behalve de haven bij Arromanches-les-Bains werd hersteld. De haven deed daarna dienst tot dat de havens van Caen en Cherbourg werden veroverd.
Vandaag de dag zijn er overblijfselen te zien van af de kust. Enkele pontons liggen voor de kust en langs het strand. In Arromaches bezochten wij de 360 graden film over D-Day. Het leek net alsof je midden in de gevechten zat. De beelden afkomstig van Franse, Amerikaanse, Britse en Duitse archieven maken deze 19 minuten durende film mogelijk.

Deze ‘D-Day’ dag liep al aardig tegen de avond, maar we hadden nog één plek op ons programma staan. De batterijen van Longues-sur-Mer. het verdedigingswerk van de nazi’s die onderdeel waren van de Atlantikwall en gebouwd zijn door de dreigende invasie. De batterij keek uit op Gold en Omaha beach. Het was dan ook één van de eerste doelen van de geallieerde om deze uit te schakelen. De Britten hebben deze batterij weten te overmeesteren met behulp van beschietingen van de Britse marine.

Een lange dag waarbij je alle doelen weet te halen, mag worden afgesloten met een heerlijk diner. Een pannetje mosselen en een mooie baars deed dan ook wonderen. Natuurlijk onder het genot van Franse witte wijn.
Caen, Pegasus en de weg terug
Vandaag was alweer de laatste dag dat we in Normandië zouden zijn. We hadden nog twee bezienswaardigheden op de agenda. Vanwege de lange terugrit zijn we ook deze ochtend vroeg opgestaan. De terugrit naar Nederland zou zeker 7 uur in beslag nemen. Op de route naar lag dan ook onze eerste bezienswaardigheid van deze dag.
In Caen staat het ‘Mémorial de Caen’ museum. Dit museum heeft een uitgebreide collectie van foto’s, uniformen en wapentuig. Het laat ook het verhaal zien van verschillende andere gebieden tijdens de oorlog. Er zijn foto’s van de schade die de Jappen in China en de Pacific hebben veroorzaakt. Er wordt uitgebreid stilgestaan bij Vichy-Frankrijk. Tijdens de 2e WO was Frankrijk verdeelt waarbij de Vichy-Fransen zich aansloten en gehoor gaven aan de nazi’s. Zo zorgde de Vichy-Fransen er voor de Franse Joden werden opgepakt en overhandigd aan het nazi-regime.

Ook wordt er aandacht geschonken aan de concentratiekampen, waaronder Auschwitz. Dit kamp hebben we in 2010 bezocht en was dus een herkenbaar verhaal. Verder worden er geschatte aantallen getoond van het aantal slachtoffers die deze oorlog heeft veroorzaakt. Veruit de meeste doden, ruim 21.000.000, zijn gevallen in voormalig Sovjet Unie. Op de voet gevolgd, met 20.000.000 doden, in China. Een aantal die wij niet kunnen voorstellen.
Naast de 2e WO wordt er ook aandacht geschonken aan de 1e WO. Er is een tijdelijke expositie van de Koude Oorlog. Zo toont het museum foto’s, hoor je geluidsfragmenten en zie je attributen die je kunt geassocieerd met de Koude Oorlog. Van de Trabant tot afluisterapparatuur van de CIA. Ook van de Cuba crisis tot de oorlog in Afghanistan tegen de Russen. Een museum wat zeker de moeite waard is om te bezoeken.

Je zult begrijpen dat we hier wel een aantal uren zoet waren. Toch was het tijd om door te gaan. We hadden immers nog één laatste bezoek. Bénouville ligt niet echt op de route naar huis, maar wilde we hoe dan ook gezien hebben. Ook al is het een dorp, in Bénouville ligt het eerste huis was is bevrijd. Dit huis van de familie Gondree werd bevrijd nadat de Engelse genie waren geland met zweefvliegtuigen nabij de Pegasusbrug. Bénouville ligt namelijk aan de Orne. Deze locatie had strategisch belang voor de doorvoer van voorraden naar de haven van Caen.

Vandaag de dag is het huis van Gondree een café dat wordt gerund door één van de dochters Gondree. Zij was een kind op het moment dat Bénouville werd bevrijd. Vandaag de dag is het een dame op leeftijd. Ze doet nog steeds volop mee in het bedienen en runnen van het café. We hebben er dan ook heerlijk geluncht!
Een soortgelijke brug doet nog steeds dienst. Het exemplaar uit 1944 ligt niet ver van de huidige brug opgesteld in het nabij gelegen museum. Wij moesten na Bénouville in ieder geval de reis huiswaarts voort zetten.
De mooie route heeft er als volgt uitgezien:

Een gedachte over “Van Omaha Beach tot Ieper: Een Oorlogsreis”